De Nulhypothese

De wachttijd in de ggz: een tekort aan zorgaanbod?

Wie wacht op geestelijke gezondheidszorg, wacht zelden op een gebouw of een bed. Meestal wacht die persoon op een beslissing die eerder al genomen is: hoeveel zorg er dit jaar betaald wordt, en door wie.

H0
De wachttijden in de ggz komen enkel en alleen door het personeelstekort in de ggz.
H1
Er zijn ook andere factoren die meespelen in de ggz-wachttijden.

Wat we weten

Wachttijd is daarmee niet louter de optelsom van een tekort aan handen, maar ook een verdeelmechanisme: de manier waarop een systeem schaarste doorschuift naar de patiënt. In dit artikel vergelijken we België en Nederland. Beide landen kennen lange wachttijden in de ggz, maar ze organiseren de schaarste erachter fundamenteel anders. Nederland doet dat achteraf en gedecentraliseerd, contract per contract, via omzetplafonds. België doet dat vooraf en systeembreed, via een begrensd publiek aanbod.

Nederland: marktwerking en de belofte van risicoverevening
Dat Nederlandmeer marktwerking in zijn ggz heeft dan België, onder meer via haar zorgverzekeringsstelsel, mag als vaststaand gelden [1]. Het merendeel van de gezondheidszorg wordt er gefinancierd via de Zorgverzekeringswet (Zvw), ingevoerd in 2006. Die wordt op verschillende manieren bekostigd, onder meer via het Zorgverzekeringsfonds, het fonds waaruit de zogenaamde risicoverevening gebeurt.

De logica daarvan is de volgende: voor de verplichte basisverzekering geldt een acceptatieplicht: een zorgverzekeraar mag niemand weigeren. Wie veel verzekerden uit risicogroepen aantrekt (ouderen, chronisch zieken, mensen in een kwetsbare sociaaleconomische positie), draait daardoor op voor hogere zorgkosten dan een concurrent met een gunstiger verzekerdenportefeuille. De risicoverevening moet dat rechttrekken door verzekeraars vooraf tecompenseren voor het voorspelbare risicoprofiel van hun verzekerdenbestand [2].

Dat profielwordt berekend op basis van kenmerken als leeftijd, geslacht, chronisch zorggebruik, historische zorgkosten en sociaaleconomische status. Maar werkt dat model even goed voor élke vorm van zorg?

Eén stelsel, twee logica’s
Strikt genomen is er niet één risicoverevening, maar zijn er twee. De zorgkosten worden voorspeld met aparte modellen: één voor de somatische zorg, goed voor ruim 90 procent van de kosten, en één voor de ggz, goed voor bijna 10 procent [3]. Elk model heeft eigen vereveningskenmerken. Het ggz-model werkt onder meer met psychische farmacie- en diagnosekostengroepen, een ggz-regiocriterium en een kenmerk voor meerjarig hoge ggz-kosten [4].

Die tweedeling is geen detail. Ze betekent dat de compensatie voor psychische aandoeningen staat of valt met de voorspelkracht van een apart, veel kleiner model, op een kostenverdeling die bovendien extreem scheef is: de overgrote meerderheid van de verzekerden maakt in een gegeven jaar geen ggz-kosten, terwijl een kleine groep zeer hoge kosten maakt [5, 6]. Juist bij zo’n verdeling is het moeilijk om per individu accuraat te voorspellen. De vraag is dus niet of de verevening bestaat voor de ggz, maar of ze daar even fijnmazig werkt als in het somatische model.

Waar het ggz-model tekortschiet
Volgens Beekman e.a. is het antwoord nee: de verevening in de geestelijke gezondheidszorg is onvoldoende verfijnd, waardoor ruimte ontstaat voor risicoselectie en dus voor adverse selection van net die patiënten die langdurige, complexe ggz nodig hebben. De facto verliest een verzekeraar geld op die groep. Vanuit haar eigen standpunt is het dan ook weinig aantrekkelijk om bekend te staan als de verzekeraar die ruim ggz inkoopt.

  • *Intermezzo: wat is een omzetplafond? [7]*
    Een omzetplafond is het maximumbedrag dat een zorgaanbieder in een contractjaar bij een bepaalde zorgverzekeraar mag declareren. Is dat plafond bereikt, dan kan de verzekeraar verdere zorg weigeren te vergoeden en draait de aanbieder er zelf voor op. Er gelden wel uitzonderingen: reeds aangevatte behandelingen worden afgemaakt, en spoedeisende hulp valt er altijd buiten.

Van plafond naar wachttijd
Pointer legde recent een vermoedelijk verband tussen die ondoelmatige verevening en de lange Nederlandse wachttijden: verzekeraars zouden te weinig zorg inkopen. Of dat strategisch gebeurt, valt niet sluitend te bewijzen. Maar de prikkel bestaat wel degelijk: wie de wachttijden laat oplopen, ziet ggz-behoevende verzekerden vanzelf overstappen naar een verzekeraar die minder krap contracteert [8].

Precies die uitwijkmogelijkheid wordt kleiner. De directeur van DSW, een verzekeraar die zich lang profileerde als (de facto) plafondvrij, gaf bij Pointer aan dat ook DSW in de ggz meer met omzetplafonds zal gaan werken, onder druk van het feit dat de grote spelers dat doen [9, 10].

Ook deverdediging van het omzetplafond verdient vermelding, al was het maar omdat zehet selectieprobleem bevestigt op een ander niveau. In haar reactie op deaangenomen motie-Dobbe schrijft de minister dat het plafond bedoeld is omschaars personeel en geld te sturen naar waar ze het hardst nodig zijn, ondermeer omdat het voor zorgaanbieders relatief aantrekkelijk is om patiënten meteen lichtere zorgvraag eerder te helpen dan patiënten met een zwaardere [11]. De selectie die de verevening bij verzekeraars uitlokt, herhaalt zich dusbinnen de aanbieders. Het plafond wordt dan een lapmiddel tegen een prikkel diehet stelsel zelf produceert.

België: schaarste aan de voordeur
In België wordt schaarste niet verdeeld via omzetplafonds, maar vooraf en systeembreed, via een begrensd publiek aanbod. De conventie voor psychologische zorg in de eerstelijn illustreert dat mechanisme goed. Terugbetaalde psychologische zorg is er enkel mogelijk binnen een netwerk geestelijke gezondheid met een RIZIV-overeenkomst, en het aantal sessies is gelimiteerd: maximaal acht individuele sessies voor eerstelijnsondersteuning, gemiddeld tien en maximaal twintig voor een eerstelijnsbehandeling [12]. De beroepsvereniging zelf stelt onomwonden vast dat het budget beperkt is en lang niet alle psychologische zorgvormen kan financieren [13]. Wie buiten dat kader valt, bij een niet-geconventioneerde psycholoog, betaalt in de praktijk [een groot deel, afhankelijk van de terugbetalingsmodaliteiten van de desbetreffende mutualiteit] zelf.

De uitkomst lijkt op de Nederlandse, maar het mechanisme ligt elders: niet een declaratieplafond halverwege het jaar, maar een aanbod dat van aan de voorkant gerantsoeneerd is, met de rem in de toegangsvoorwaarden in plaats van in het contract. En ook het private circuit loopt vol: steeds meer zelfstandige zorgverleners werken met aanmeldstops omdat zelfs hun wachtlijst verzadigd raakt [14].

Wat niet gemeten wordt
Cijfers zijnschaars, en dat is veelzeggend. Het bekendste getal is honderd dagen wachtenbij een centrum voor geestelijke gezondheidszorg: een vijftigtal dagen tot deintake en daarna nog eens vijftig tot de start van de behandeling. Dat cijferkomt uit een persbericht van de Vlaamse Vereniging voor Psychiatrie uit 2019,dat zich baseerde op cijfers van de Vlaamse overheid over de centra voorgeestelijke gezondheidszorg [15]. Het is dus geen recente meting maar een momentopname van bijna een decenniumoud, die sindsdien niet systematisch is geactualiseerd. Datzelfde persberichtsignaleerde forse uitschieters: diagnostisch onderzoek naarontwikkelingsstoornissen bij kinderen kon toen al oplopen tot meer dan vijftienmaanden. Tegelijk stelde het vast dat heldere cijfers voor privépraktijken enziekenhuizen ontbraken.

Dat laatste is het eigenlijke punt. De wetenschappelijke literatuur bevestigt als knelpunt dat wachttijden in België, anders dan in Nederland, niet systematisch worden bijgehouden [16]. Frappant is dat ook het recente performantierapport over het Belgische ggz-systeem wachttijden buiten beschouwing laat [17]. De losse cijfers die circuleren, zoals de ruim 4.500 Vlamingen die in 2022 opzorg wachtten, blijven daardoor onvergelijkbare momentopnames zonder tijdreeks [18].

Besluit: aanbod of verdeling?
De vraag uit de titel laat zich maar half met ja beantwoorden. Er ís een tekort aan zorgaanbod, in beide landen. Maar de wachttijd meet niet alleen dat tekort; ze meet ook wie de rekening van de schaarste betaalt, en via welke route.

Het verschil zit in de zichtbaarheid. In Nederland is de verdeling geëxpliciteerd in contracten, plafonds en vereveningsmodellen, en dus bespreekbaar. Dat het parlement in 2025 een motie aannam om de omzetplafonds in de ggz te beëindigen, en dat de regering werkt aan een routekaart passende zorg en aan een reactie op het IBO Uit balans over de mentale gezondheid en de ggz, is daar rechtstreeks het gevolg van: je kunt afschaffen wat je kunt aanwijzen [19]. In België is de verdeling ingebakken in de omvang en de voorwaarden van het aanbod zelf, en precies daardoor grotendeels onzichtbaar, want niet gemeten.

Dat maakt de Nederlandse discussie niet comfortabeler, maar wel scherper. En het suggereert dat de eerste Belgische hervorming geen extra capaciteit hoeft te zijn, maar een meetsysteem. Wie de wachttijd wil aanpakken zonder het verdeelmechanisme erachter te kunnen benoemen, behandelt het symptoom.

[1] Goethals e.a., Tijdschrift voor Psychiatrie 67 (2025), nr. 2. https://pure.eur.nl/files/186217789/67-2025-02-Goethals_ESS_2.pdf

[2] Zorginstituut Nederland, Hoe werkt de Zorgverzekeringswet? https://www.zorginstituutnederland.nl/verzekerde-zorg/z/zvw-algemeen-hoe-werkt-de-zorgverzekeringswet

[3] Kamerbrief VWS over de risicoverevening,met aparte modellen voor de somatische zorg en voor de ggz. https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-29689-1318.html

[4] Zorginstituut Nederland, WOR 1222:Berekening normbedragen risicoverevening 2025. https://www.zorginstituutnederland.nl/documenten/2024/10/10/wor-1222-definitieve-rapportage-normbedragen-rv-2025

[5] PwC (2019). WOR 958 Verbetering compensatie voor GGZ-cliënten met zeer hoge kosten GGZ. Rapport in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

[6] Beekman e.a., Tijdschrift voorPsychiatrie 64 (2022), nr. 7. https://www.tijdschriftvoorpsychiatrie.nl/nl/artikelen/article/50-13023_Het-spook-risicoselectie-ggz-onverzekerbaar-in-huidig-stelsel

[7] Poliswijzer, Wat is een omzetplafond? https://www.poliswijzer.nl/zorgverzekering/kennisbank/wat-is-een-omzetplafond

[8] Pointer (KRO-NCRV), uitzending. https://www.youtube.com/watch?v=PefB6Zp0m2s

[9] Pointer, Wachttijd ggz mede bepaald door zorgplafond. https://pointer.kro-ncrv.nl/wachttijd-ggz-mede-bepaald-door-zorgplafond-grote-verschillen-tussen-verzekeraars-0

[10] DSW, DSW-directeur bij Pointer over omzetplafond ggz, 10 september 2026. https://www.dsw.nl/consumenten/nieuws/dsw-directeur-bij-pointer-over-omzetplafond-ggz-10-september-2026

[11] Kamerstuk 25424, nr. 768: reactie op demotie-Dobbe. https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-25424-768.html

[12] RIZIV, Eerstelijns psychologische zorg ineen netwerk voor geestelijke gezondheid. https://www.riziv.fgov.be/nl/thema-s/verzorging-kosten-en-terugbetaling/wat-het-ziekenfonds-terugbetaalt/geestelijke-gezondheidszorg/eerstelijns-psychologische-zorg-in-een-netwerk-voor-geestelijke-gezondheid

[13] VVKP, De nieuwe RIZIV-conventieuitgelegd. https://vvkp.be/de-nieuwe-riziv-conventie-uitgelegd

[14] VVKP, Ook de wachtlijst vol. https://vvkp.be/nieuws/ook-de-wachtlijst-vol

[15] Vlaamse Vereniging voor Psychiatrie, persbericht Wachttijd 100 dagen bij psychische klachten, 17 juli 2019, op basisvan cijfers van Zorg en Gezondheid over de centra voor geestelijkegezondheidszorg. https://www.upckuleuven.be/nl/nieuws/wachttijd-100-dagen-bij-psychische-klachten

[16] Universiteit Antwerpen, institutionele repository. https://repository.uantwerpen.be/docman/irua/ca5bb1/184302uv.pdf

[17] Gezond België, Performantie van het Belgische gezondheidssysteem: geestelijke gezondheidszorg. https://www.gezondbelgie.be/nl/performantie-van-het-belgische-gezondheidssysteem/specifieke-zorgdomeinen/geestelijke

[18] VRT NWS, Ruim 4.500 Vlamingen met mentaleproblemen wachten op zorg, 20 oktober 2022. https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2022/10/20/ruim-4-500-vlamingen-met-mentale-problemen-wachten-op-zorg-wac/

[19] Skipr, Kamer wil einde aan omzetplafonds in ggz en palliatieve zorg. https://www.skipr.nl/nieuws/kamer-wil-einde-aan-omzetplafonds-in-ggz-en-palliatieve-zorg/

Hoe je dat leest

Wachttijden in de geestelijke gezondheidszorg zijn geen onvermijdelijk natuurverschijnsel, maar een ingebouwd verdeelmechanisme. Dit artikel ontleedt hoe twee landen hun tekort aan zorgcapaciteit op de patiënt afschuiven, elk met een fundamenteel andere methode om schaarste te creëren.

  • Nederland stopt de teller via marktsturing: Via omzetplafonds en een beperkend compensatiemodel voor verzekeraars worden er gedurende het jaar financiële remmen ingetrapt. Dit creëert een perverse prikkel waarbij wachtlijsten nuttig blijken om dure patiënten af te wimpelen. Het is een pijnlijk en bureaucratisch systeem, maar omdat de plafonds in contracten staan, is het probleem tenminste zichtbaar en politiek aanvechtbaar.
  • België sluit de voordeur via aanbodsturing: De schaarste wordt aan de voorkant geregeld via een strikt gelimiteerd, publiek gefinancierd aanbod (zoals een maximaal aantal sessies). Wie meer nodig heeft, valt uit de boot en draait zelf op voor de kosten. Omdat België de wachttijden weigert structureel te meten, creëert het systeem een comfortabele blinde vlek: een crisis die niet in de statistieken opduikt, dwingt beleidsmakers niet tot handelen.

De kern is dat beide landen de rekening bij de patiënt neerleggen, maar de aanpak verschilt: de Nederlander botst op een papieren budgetmuur, de Belg staat in een onzichtbare rij.

Wat wij ervan vinden

Wachttijden in de ggz zijn geen overmacht door een tekort aan handen, maar een beleidskeuze. Het is ronduit, naar mijn mening, beschamend hoe we een falend systeem in stand proberen te houden door ingebouwde beleidskeuzes. Deze beleidskeuzes treffen, zoals vaak, de meest kwetsbare mensen.

Als samenleving moeten we deze georganiseerde uitsluiting categorisch afwijzen. Zorg hoort een mensenrecht te zijn. Niet een privilege voor de gegoeden. We moeten uitkijken naar elkaar. Een samenleving, dat zijn we immers samen.

H0 verworpen

Wachttijden in de ggz zijn geen natuurfenomeen. Ze zijn beleid.

Bronnen

  1. Zie tekst voor bronvermelding.

Correcties

Nog geen correcties. Fout gezien? Schrijf naar redactie@denulhypothese.be.